Matsloot – Pasop

De werkzaamheden in dit gebied richten zich op het behouden van het contrast tussen het open landschap en het besloten tot halfopen petgatenlandschap. Ook streven we naar een verbetering van de weidevogelstand in het weidevogelgebied ten noorden van de Matsloot.

Wat gaat er gebeuren?

  • Het gehele noordelijke deel wordt verbonden met de boezem. Dit betekent dat de waterpeilen in de sloten fluctueren met de boezem. Zo ontstaan plas-/drassituaties en worden lokaal delen onder water gezet. Hoge grondwaterstanden en het onder water zetten van percelen in het voorjaar is gunstig voor de weidevogels. Het effect van deze verandering op de bebouwing aan ’t Kret gaan we onderzoeken.
  • Aan de zuidzijde van de Matsloot wordt de hoeveelheid boezemland uitgebreid. Er wordt een aantal nieuwe petgaten aangelegd. Daarmee worden nieuwe fasen in de verlanding op gang gebracht.
  • In het verleden is grond opgehoogd aan de zuidzijde van de Matsloot. Dit brengen we weer naar de oorspronkelijke situatie. Zo ontstaan kansen voor de ontwikkeling van soortenrijke graslanden.
  • Aan de westzijde onder de Mensumaweg komt een faunapassage met Polder de Dijken en aan de oostzijde een faunapassage met De Drie Polders.
  • Aan de zuidzijde van het gebied wordt neerslag beter vastgehouden en verdroging tegengegaan. Dit draagt bij aan het lokaal vasthouden van water en de aanvulling van het grondwater.
  • Door de waterinlaat vanuit de Matsloot en een maatwerksysteem voor de wateraanvoer handhaven we het zomerpeil in de Pasop. Daardoor wordt de verdroging van de petgaten opgeheven, wat een gunstig effect heeft op de natuur in broekbossen en petgaten.
  • Aan de zuidzijde van de Matsloot wordt langs een deel van de oever een natte zone gecreëerd in de vorm van een boezemland. Dit is belangrijk voor de doelen op het gebied van waterkwaliteit.
  • De mogelijkheden voor een fietspad worden onderzocht.

Uitleg termen

Boezemland

Een laaggelegen strook land tussen de boezemkade en het boezemwater dat bij hoge waterstand kan fungeren als ruimte voor extra waterberging.

Waterpeil

De hoogte/stand van het water. Deze kan kunstmatig beïnvloed worden. Het niveau waarop men het water wenst te krijgen/houden wordt ook wel ‘streefpeil’ genoemd.

Boezem

Het deel van het oppervlaktewater binnen een waterschap zonder vast peil, bedoeld om polderwater in op te slaan voor het wordt afgevoerd.

Broekbossen

Bossen waarvan de vegetatie sterk wordt bepaald door de (hoge) stand van het grondwater.

Soortenrijke graslanden

Soortenrijke graslanden zijn graslanden waarop een rijke collectie aan vegetaties groeit. Voor het Zuidelijk Westerkwartier is dat een afwisseling van dotterbloemhooilanden, vochtige hooilanden en schrale graslanden en op de hogere gronden kruidenrijk grasland

Petgaten

Stroken/gaten in het landschap, die zijn ontstaan door het afgraven van veen.

Verlanding

Een proces van tientallen tot honderden jaren waarbij moerassen, wetlands, plassen of ondiepe meren langs natuurlijke weg in land veranderen.