De Drie Polders

Dit gebied wordt gekenmerkt door haar graslanden, slotenpatroon en overgebleven petgaten. De Drie Polders vormt een onderdeel van de natuurverbinding tussen de natuurgebieden rond het Leekstermeer, het gebied langs de Matsloot en het Dwarsdiep.

De Drie Polders wordt ingericht voor waterberging en natuurontwikkeling. Het streefbeeld betreft een afwisseling van gevarieerde natte tot vochtige graslanden met een uitgebreid netwerk van sloten met brede oeverzones.

Bekijk hier de kaart met inrichtingsmaatregelen

Uitleg termen

Vochtig hooiland

Vochtig hooiland bestaat uit bloemrijke/kruidenrijke graslanden. Het gaat om bijvoorbeeld dotterbloemhooilanden. Ze zijn nationaal en internationaal van belang voor de flora en fauna. Vochtig hooiland is door bemesting, ontginning en ontwatering zeldzaam geworden in Nederland.

U kunt voorbeelden van vochtig hooiland vinden bij de Drentse Aa, bij de Oude Riet en bij de Doezumermieden.

Bron

Nat schraalland

Nat schraalland is, net als vochtig hooiland, zeer oud boerengrasland. Nat schraalland is echter minder productief en de bodem is heel slap. De variatie in de graslanden is groot. Nat schraalland is door de rijkdom aan zeldzame soorten van groot Europees en nationaal belang. Bron: Portaal Natuur en Landschap.

Natuur

  • De ontwikkeling van structuurrijke, natte en vochtige graslanden doorsneden door een fijnmazig netwerk van rijk begroeide sloten met brede oeverzones. Aan deze inrichting denken we voor het grootste deel van het gebied.
  • Het hele gebied kan als stapsteen fungeren voor veel verschillende diersoorten. Aan de zuidzijde van de noordelijke watergang, oost-west georiënteerd, wordt een plas-dras berm aangelegd richting de Pasop. De robuuste verbindingszone zal in breedte variëren van ca 50-100 m.
  • Aan de oostzijde ligt tussen het Lettelberterdiep en de waterberging een zone met woningen. Deze zone valt binnen het Nationaal Natuurnetwerk. Door deze strook loopt een brede watergang die noodzakelijk is voor de afwatering van de woningen en het landbouwgebied ten noorden van De Drie Polders. Hier wordt bloemrijk grasland ontwikkeld.

Water

In dit gebied wordt waterberging gerealiseerd met een capaciteit van 1,2 miljoen m3 water. Het is de verwachting dat de waterberging één keer per 25 jaar wordt ingezet.

De volgende maatregelen worden genomen:

  • Verhoging van de waterpeilen. Het gebied wordt verdeeld in twee peilvlakken om de peilen zo goed mogelijk af te stemmen op de natuurdoelen.
  • Aanleg van een waterinlaat.
  • Verbreding van de oeverzones langs de sloten.
  • Watergang langs de noordgrens van het gebied voorzien van brede oeverzones.
  • Goede aansluiting creëren bij de inlaat-sloot op oeverzone van het Lettelberterdiep in de zuidoosthoek. Migratieroute voor otter en andere soorten gaat daar onder de snelweg door.
  • Kades rondom met geleidelijke taluds. Goed beheerbaar (t.b.v. jaarlijks maaien).
  • Aanleggen gemaal, inlaat, brug, onderleider en een compartimentstuw.

Overig

De mogelijkheden voor een fietstunnel en een uitkijktoren worden onderzocht.